Select Page

Een fantastisch mooie trainingsweek met 3 van de 4 Veldeman brothers in Lanzarote. De coaches kregen ons niet gesloopt. De energie die het vulkanische eiland vrijmaakt, ongelofelijk. En intussen borrelden mijn herinneringen op …

Een pittig gesprek met Axel Zeebroek over Sinterklaas bijvoorbeeld. En probeer een discussie maar eens te winnen in een taal die niet je moedertaal is. Of onze vaste regel dat er een halve liter bier moest gedronken worden eens de 7 trainingsuren per dag overschreden. Het dorpje ‘La Geria’ dat Axel op het idee bracht om na onze actieve carrière een triatlonclub op te richten … ‘Geriatri’. ’t Is bijna zover meneer Zeebroek;-) De doeltreffende oneliners van Rutger Beke. Het beeld van Rutger zijn hoofd dat zich gedurende de stage steeds dichter bij zijn bordrand bevond. De laatste dag stikkapot energie binnenlepelend. Wat kon die hard trainen. Bart Aernouts’ zinnetje ‘begint weer niet hé’. De blokkentrainingen richting Orzola waarbij hij steeds door de geluidsmuur leek te gaan en een kleine stip in de verte werd. De terrasjes op een fantastisch pleintje in Costa Teguise met Tine Deckers en familie. Deckers die me leerde ‘te duwen op die pedalen’ in het bergaf rijden. Bert Jammaer zijn ‘week Lanza-week thuis-week Lanza’ regime en pizza-dieet. Senseo en speculaaspasta in appartement 166B. Ons monsteren van ‘All gear, no idea – sporters’. Maar ook de wekker die er altijd veel te vroeg afliep. Met ‘hard times’ van de Scabs nog wél. Nadien slaapdronken rond de lagoon en dan voor openingstijd de fitness in. Het naar boven kruipen/zwalpen/vliegen van Tabayesco/Timanfaya/Femés/… onder een stralende zon, maar eveneens door regen en mist. De lange ritten in een gezelschap dat soms samengeteld tientallen Ironmans op zijn naam had staan (Baylis, Raña, Del Corral, Juhanson, Hellriegel, …). Alle mogelijke supermarkten waar we op de trapjes de suikers van cola rechtstreeks in ons bloed voelden stromen. ‘Ghost town’, schoon in zijn eenvoud. De bestormingen van het buffet door de vikings (de Denen die ‘en masse’ op vrijdag toekwamen) … al moet ik toegeven dat ik er ook aan zondigde. ‘Het nog liever als een smurf het zwembad verlaten dan met wetsuit’. Urenlange fotoshoots bij een nieuw seizoen. De gesprekken met vreemden die nu kennissen en/of vrienden zijn. En hoe vaak heb ik ook niet de lach van Sofie Goos gehoord. Dju, wat heb ik er mooie tijden beleefd dankzij velen.

Zo leek elke lavasteen wel iets te vertellen te hebben. Wat een zegen dat ik deze herinneringen nog eens bewust kon ‘beleven’. Want als prof gunde ik dit mezelf niet. Ik zou tot de laatste snik ‘strijden’ voor Uplace. De ‘vroeger’ en ‘nadien’ telden niet. Want ‘afscheid’ nemen, dat wil niemand. Daarom zijn we altijd op alles voorbereid, behalve op dat ‘gemis’.

Nu krijgt alles mooi een nog mooier plaatsje!

Komende week nog een stukje over afgelopen stage.